Selecteer een pagina

In het prachtige “Het gewicht van de woorden” van Pascal Mercier las ik: ‘Artsen houden er niet van als ze door patiënten ter verantwoording worden geroepen – als ze iets in twijfel trekken en een uitvoerige verklaring willen in een aangelegenheid die voor hen van het grootste belang is: hun leven en hun gezondheid. Ik heb ook artsen meegemaakt die kritisch tegenover zichzelf waren, die het vanzelfsprekend vonden aan zichzelf en hun kennis te twijfelen. Maar dat was de uitzondering. De meeste artsen waren in hun autoriteitsclaim en in hun ijdelheid gekrenkt en lieten dat duidelijk blijken aan de patiënten.’
Ja! dacht ik. Exact.

Het is me pas zelf nog overkomen. De huisarts, van wie ik nochtans een hoge pet op had omdat ik hem altijd al had ervaren als iemand die luistert, en net zoals ik antibiotica of andere medicamenten wil vermijden waar het maar kan, maar die nu boos werd omdat ik zijn visie op cholesterol in vraag stelde. Of beter: omdat ik hem, na veel opzoekwerk te hebben gedaan, een andere visie liet horen omdat ik nieuwsgierig was naar zijn mening daarover, en zelf tenslotte een leek ben en alleen maar het beste voor mijn gezondheid wil. Als artsen zeggen: statines zijn levensgevaarlijk, verhogen het risico op allerlei kankers en alzheimer en kunnen ook je organen beschadigen, en zijn eigenlijk helemaal niet nodig, dan wil ik horen wat de arts die ze me toch voorschrijft daarover te zeggen heeft. En dan maken zijn boosheid en verontwaardiging en uitroep ‘Maar ik weet het zeker!’ geen indruk. Integendeel, mensen die ‘ik weet het zeker!’ roepen, die stel ik automatisch in vraag. Zelf weet ik immers niets zeker.
En dan vind ik zijn voorspelling dat ik nog maar tien jaar te leven heb als ik zijn advies niet volg, ronduit arrogant.

Ik kwam toen ook net uit de situatie waarin een dermatoloog een nauwelijks zichtbaar verhoginkje op mijn wang meteen, op het zicht en dus zonder verder onderzoek, had gediagnosticeerd als ‘kwaadaardig, honderd procent zeker!’. Waarna een andere dermatoloog, na een gesprekje waarin hij mijn telefoonnummer belangrijker vond dan wat ik hem probeerde uit te leggen, beweerde: onzin, onschuldig. Toen ik weer bij de eerste dermatoloog kwam en hem zei dat ik toch geen ingreep wou omdat zijn collega vond dat dat niet nodig was, keek hij nog eens naar mijn wang en zei: ja, zoals het er nu uitziet zou ik ook niet opereren. Omdat ik de situatie nogal gênant vond voor hem, en hij me nog een tijdlang zou moeten behandelen voor iets anders, zei ik dat ik zijn vergissing (een woord dat ik niet gebruikte) begreep, omdat er eerder een korstje op het bobbeltje had gestaan en hij dat belangrijk had gevonden in zijn oordeel. Hij knikte. Dat klopte, ja.
En daarmee was de zaak afgehandeld. Geen verontschuldigingen. Terwijl ik toch enkele weken ongerust was geweest, de huisarts en een andere, veraf wonende dermatoloog had bezocht en veel betaald, mijn man een dag verlof had genomen om mij te vergezellen. Mijn man zei: en dan probeerde je hem nog te behoeden voor gezichtsverlies.
Artsen vinden het inderdaad blijkbaar vanzelfsprekend dat ze fouten maken zonder erbij stil te staan wat een effect dat kan hebben op de patiënt.

Ik herinner me ook de neus-, keel- en oorspecialist waar ik naartoe was gestuurd en die mij exact dezelfde onaangename en dure tests wou laten overdoen, die ik pas nog in de plaatselijke polikliniek had ondergaan en waarvan ik de resultaten bij me had, omdat hij ook graag wat aan me wou verdienen. Toen een verpleegster me na een kort gesprekje met de specialist naar de marteltuigen begeleidde en ik besefte wat er aan het gebeuren was, bleef ik stilstaan in de gang en zei haar dat het niet de bedoeling was dat ik die tests overdeed, omdat ik de resultaten ervan al bij me had. ‘Maar de dokter wil dat zo’, was haar antwoord. ‘Ik doe het niet’, reageerde ik. En toen kwam haar, zo dacht ze waarschijnlijk, strafste argument: ‘Maar dan gaat de dokter heel boos worden, hoor!’ Alsof ik een kind was en niet een vrouw van halfweg de twintig. Ik ben gewoon weggegaan en heb bij de huisarts de situatie uitgelegd. Plots volstonden de eerdere resultaten wèl.
Wat met al die patiënten die niet zo mondig zijn, denk ik dan. Of die uit angst en onwetendheid de grillen van de dokter maar volgen?