Selecteer een pagina

Vorige week hebben we twee klusjesmannen, afzonderlijk van elkaar, laten langskomen in ons nieuwe huis, om te kijken wat ze voor ons konden doen om het geheel wat op te frissen en de mankementjes weg te werken. Hoewel het huis nog maar drie jaar oud is, is de afwerking op sommige plaatsen om bij te huilen. Dit wisten we uiteraard bij aankoop, maar toch blijft het bedroevend. Gelukkig zagen beide mannen het opknapwerk, gaande van losgekomen voegjes over een knellende deur tot pleisterwerk, helemaal zitten. Voor hen, die dagelijks met renovatiewerken en dergelijke te maken hebben, is dat een lachertje. Wij daarentegen zouden niet weten hoe eraan te beginnen.
Beiden leken ze ons erg competent, maar we hebben uiteindelijk toch gekozen voor degene die ni├Ęt zoveel vroeg dat we ervan achterover vielen. Zijn vrouw had hem mij ook nog aangeprezen als ‘een echt pietje-precies’, en ik hou van pietjes-precies.
En zo blijft er ook nog wat geld over om meteen de beide badkamers, die er het triestigst bijliggen met hun puzzel van tegelstukjes en knoeierige afkitwerk en incomplete douche en de cementsluier van drie jaar geleden nog op de muren, helemaal te vervangen.

Het weekend zat volledig dichtgeplamuurd met het kiezen van inbouwkasten voor de dressing en gordijnen voor het hele huis, en gisteren kon klusman Gert al beginnen. Toevallig zo snel omdat het de hele week overdag zal vriezen, en hij daardoor niet kan verderwerken aan de buitenjob waar hij mee bezig was.
Toen we gisteravond naar het reeds gedane werk gingen kijken, werd ik zowaar blij van de niet meer knarsende deurklink en de opgevulde pluggaten in de muren en de vastgemaakte plintjes en de met rood omcirkelde afgewerkte klussen op het opdrachtenblad. Ook al stond ik op een wit bestofte vloer naar dit alles te kijken, ik zag het weer helemaal zitten, voelde dat het allemaal goed zal komen.