Selecteer een pagina

“Vrijwel iedere avond liepen de twee rond in levendige buurten als Sanjo of Shijo. Soms doorkruisten ze ook de wijk Kyogoku. In het midden van een brug stonden ze te staren naar het water van de rivier de Kamo. Ze keken naar de stille maan die opkwam boven Higashiyama. En die maan in Kioto leek ronder en groter dan de maan in Tokio. Als ze genoeg hadden van de stad en de mensen, maakten ze gebruik van de weekenddagen om naar de verre buitenwijken te gaan. Sosuke verheugde zich over het volle, dichte groen van de alomtegenwoordige bamboebossen. Hij genoot van de landschappen waarin eindeloze rijen pijnboomstammen de zon weerkaatsten, als waren ze rood geverfd. Op een keer klommen ze naar de Daihikakutempel en terwijl ze opkeken naar een omlijste kalligrafie van Sokuhi, hoorden ze een roeiboot op de bodem van de vallei de rivier afvaren. Ze vonden het allebei grappig dat het geluid van de riemen zo goed leek op de roep van wilde ganzen. Een andere keer trokken ze eropuit naar het theehuis Heihachi en bleven daar een nacht slapen. De bazin roosterde voor hen onsmakelijke riviervis op spiesjes en daar dronken ze sake bij. Die bazin had een handdoek op haar hoofd gebonden en droeg een soort donkerblauwe kniebroek.
Zulke nieuwe prikkels schonken Sosuke een tijdlang voldoening. Maar naarmate hij zo de geur van de oude hoofdstad liep op te snuiven, begon alles er algauw eentonig uit te zien. Aan de mooie bergen en het zuivere water hield hij niet meer de heldere indrukken over van in het begin en dat zorgde voor wrevel in zijn hoofd. Hij had warm, jong bloed in zich en afkoeling daarvoor vond hij niet langer in het diepe groen van de natuur. Actie hevig genoeg om zijn emoties helemaal te doen oplaaien en verbranden kwam hij anderzijds natuurlijk ook niet zomaar tegen. Zijn hoge hartslag deed het kriebelende bloed doelloos door zijn lijf razen. Met zijn armen voor zijn borst gevouwen zat hij te staren naar de bergen die hem aan alle kanten omsingelden. En toen zei hij: ‘Ik heb genoeg van dit soort muffe, oude plekken.’ ”